Toen er op 31 mei nog wél gesport werd: tot zijn eigen verbazing staat hij opeens in het Nederlands elftal - Heini Otto, de toevallige international

Bondscoach George Knobel en Johan Neeskens helpen Heini Otto in zijn Oranjeshirt, een dag voor de wedstrijd tegen Joegoslavië.
© Foto ANP

Het coronavirus heeft de sportwereld tot stilstand gebracht. In deze rubriek gaan we terug in de tijd. Dezelfde datum als vandaag, maar dan mét sport. Vandaag: 31 mei 1975: tot zijn eigen verbazing speelt Heini Otto opeens in Oranje.

De meest toevallige international van het Nederlands elftal is waarschijnlijk Heini Otto. Hij speelt op 31 mei 1975 zijn enige interland omdat hij een paar dagen eerder een ploeggenoot naar Schiphol bracht en daar van de bondscoach de vraag kreeg ’Wil je ook mee?’

Heini Otto is dan nog een broekie. Hij is nog maar twintig jaar en komt eigenlijk net kijken in het betaald voetbal. Een jaar eerder speelde hij nog bij amateurclub SDW. Daar pikt FC Amsterdam hem op en aan het begin van het seizoen maakt hij zijn debuut in de eredivisie. „Ik wilde pas naar het betaald voetbal als ik in het eerste van SDW had gespeeld”, vertelt Otto daar later over. „FC Amsterdam stond in die tijd voor jeugdspelers goed bekend. Men paste snel jongelingen in. De club had in dat opzicht een betere reputatie dan Ajax. Ik viel met mijn neus in de boter. Een vriendenploeg, barstensvol humor én kwaliteit.”

Inter Milaan

De 20-jarige Otto weet dat seizoen niet wat hij meemaakt, want FC Amsterdam stunt op de Europese velden. De club heeft zich het seizoen ervoor geplaatst voor het Uefacuptoernooi en wint daarin tot ieders verrassing van Hibernians (Schotland), het grote Internazionale uit Milaan en Fortuna Düsseldorf. Pas in de kwartfinale wordt de tweede club van Amsterdam uitgeschakeld door FC Köln.

Aflevering van gisteren: ’Na drie Cuppies was Ajax verzadigd’ - John Rep over de 3e Europacup

De Lieverdjes – de bijnaam van FC Amsterdam – hebben een mix van jonge talenten en meer ervaren spelers als Frits Flinkevleugel, Chris Dekker, Leen van de Merkt, Jan Fransz en keeper Jan Jongbloed. Voor Otto gaat een wereld open. Amper een maand na zijn debuut in de eredivisie staat hij in Milaan in het Giuseppe Meazza Stadion tegenover Inter met al zijn sterren.

In de competitie kan FC Amsterdam de knappe vijfde plaats van het seizoen ervoor niet evenaren. Het wordt negende.

Even een bakkie doen

Na afloop van het seizoen volgt voor Otto een ongekend hoogtepunt. Op vrijdag 29 mei brengt hij zijn ploeggenoot Jan Jongbloed naar Schiphol. De volgende dag speelt Oranje in Belgrado een oefenwedstrijd tegen Joegoslavië. ’Ga nog even mee een bakkie doen’, zegt Jongbloed tegen Otto.

Binnen treffen ze bondscoach George Knobel, die tegen Otto zegt ’Ik heb je misschien nodig.’

Otto kan er nog altijd om lachen, vertelt hij enkele jaren geleden in het Parool. „Toen Knobel dat zei, dacht ik dat hij wilde vragen of ik een koffer naar Zeist wilde terugbrengen of zo. Maar hij bedoelde dat hij me nodig had als speler.”

Knobel heeft namelijk vlak daarvoor van Wim Rijsbergen te horen gekregen dat Willem van Hanegem niet meegaat. Een liesblessure, heeft Van Hanegem tegen zijn ploeggenoot van Feyenoord gezegd. Iedereen bij Oranje twijfelt aan de echtheid daarvan, maar hoe dan ook, Van Hanegem gaat niet mee. De onthutste Knobel (’de laatste keer dat ik op zo’n manier een afmelding heb gekregen, is vijftien jaar geleden bij een afdelingsclubje’), kan dus wel een extra middenvelder gebruiken.

Paspoort halen

Otto weet niet wat hij hoort en rijdt als een raket naar huis om zijn paspoort op te halen. Anderen zorgen ervoor dat zijn voetbalschoenen vanuit het Olympisch Stadion naar Schiphol worden gebracht. Alles is op tijd en Otto gaat mee naar Belgrado. Daar krijgt hij twee dagen later nog speeltijd ook. Zo’n twintig minuten voor tijd mag hij invallen voor Peter Arntz. Het staat dan 2-0 voor Joegoslavië, dat de wedstrijd met 3-0 wint.

Andere debutanten

Otto is niet de enige die zijn debuut voor Oranje maakt. Ook voor Henk van Rijnsoever, Nico Jansen en Bert van Marwijk is de wedstrijd tegen Joegoslavië hun eerste wedstrijd in het Nederlands elftal.

(Tekst gaat door onder de foto)

Spelers van het Nederlands elftal op Schiphol, wachtend op het vertrek naar Belgrado. Van links naar rechts: Wim Rijsbergen, Kees Kist, Bobby Vosmaer, Henk van Rijnsoever en Bert van Marwijk.
© Foto ANP

Heini Otto speelt na FC Amsterdam nog voor FC Twente, Middlesbrough en FC Den Haag. Voor Oranje komt hij na die wedstrijd in Joegoslavië nooit meer uit. „Ik moet het verhaal over die ene interland nog vaak vertellen en dan geef ik er soms een draai aan. Dan verzin ik dat ik na de wedstrijd naar de hotelkamer van Knobel ben gelopen om te zeggen dat ik me in het vervolg niet meer beschikbaar wilde stellen voor het Nederlands elftal. ’Want als het zo makkelijk gaat om international te worden, meneer Knobel, dan hoeft het van mij niet meer’.”

Net binnen