Dagdieverij: spijbelende werknemer wordt ontslagen. Terecht, vindt de kantonrechter

Inloggen, verdwijnen via de nooddeur en dan lekker lanterfanten...© Getty Images

Ed Brouwer
Hoofddorp

’s Morgens via de hoofdingang naar binnen, inloggen, stiekem via de nooddeur naar huis, ’s middags via die nooddeur weer naar binnen en uitloggen en door de voordeur braaf naar buiten. Negentien dagen gevuld met niksdoen ging dat goed, tot het bedrijf in Hoofddorp doorkreeg dat de medewerker spijbelde en hem wilde ontslaan vanwege ’dagdieverij’.

Met het luwen van de coronacrisis besloot het bedrijf eind februari te stoppen met volledig thuiswerken. Van medewerkers werd verwacht dat zij weer de helft van hun tijd op kantoor kwamen werken. Eén medewerker had daar kennelijk niet zo’n trek in en meende een slimme manier gevonden te hebben om onder dat op de zaak werken uit te komen.

Negentien dagen lang klokte hij ’s morgens op de zaak in en logde hij op z’n werkplek in op het systeem, maar verliet het pand al snel weer via een nooddeur waarvoor geen pasje nodig was. In de middag kwam hij via diezelfde deur weer naar binnen, logde zijn computer uit, klokte uit en ging weer naar huis toe.

Spijbelen

Het spijbelen kwam aan het licht toen het bedrijf in april meerdere keren ontdekte dat de nooddeur die gesloten hoort te blijven open stond. Uit het (camera)onderzoek dat daarop volgde, werd duidelijk dat de werknemer hiervoor verantwoordelijk was. Uit computergegevens bleek ook dat hij op negentien dagen urenlang niet in het bedrijf was, zoals hij in zijn urenstaat had opgegeven, en nagenoeg geen werk had verricht.

Hiermee geconfronteerd ontkende de man, die er al negen jaar werkte, het verzuim. Hij beweerde dat hij slechts een paar keer kortstondig zijn werk op kantoor via die nooddeur had onderbroken om sigaretten te roken of te kopen, een boodschap te doen of voor doktersbezoek. Van langdurig afwezig zijn klopte volgens hem niks.

Op de verdieping waar hij werkte moeten echter verschillende deuren met een pasje worden geopend en uit de registratie bleek dat hij tussentijds niet aanwezig was, zoals hij beweerde. Dat de urenstaat die hij invulde niet klopte, daarvan was hij zich niet bewust. Volgens hem was het belang van het correct invullen sinds de coronacrisis afgenomen.

Vanwege voldoende bewijs van het verzuim en het liegen daarover verloor het bedrijf het vertrouwen in de man. Hij werd hij op non-actief gesteld en hem werd een beëindigingsovereenkomst voorgelegd. Die weigerde hij waarna de zaak voorkwam bij de kantonrechter in Haarlem. Het bedrijf vroeg toestemming voor zo snel mogelijk ontslag zonder de man een transitievergoeding te hoeven betalen. De man zelf eiste een transitievergoeding van bijna 17.000 euro plus nog een billijke vergoeding van 250.000 euro.

Beide bedragen gaat hij niet krijgen, want de rechter was met het bedrijf van mening dat de man zich schuldig heeft gemaakt aan dagdieverij - tijd stelen van je baas - en zich ernstig verwijtbaar heeft gedragen en daarover niet de waarheid heeft gesproken. Terecht, vindt de rechter, dat het bedrijf hem niet langer vertrouwt en vanwege de verstoorde arbeidsverhouding ook niet had hoeven proberen ander werk te geven. De enige handreiking van de rechter is dat beide partijen hun eigen proceskosten moeten betalen.

De uitspraak nalezen? ECLI:NL:RBNHO:2022:6301 op www.rechtspraak.nl

Net binnen